Misschien een cliche, maar dan wel de belangrijkste voor de meeste zeevissoorten:
De stroming zorgt onder andere voor het opwoelen van voedsel voor vis en aas, het in gevaar brengen van de aasvis, verdeling van watertemperatuur, mengen van brak met zout water en afvoer van vervuilde stoffen in het water.
Het getij wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door de aantrekkingkracht van de maan en in iets mindere mate de zon. Meer theorie en onmisbare actuele getijdenvoorspelling vind je op de site van ministerie van verkeer en waterstaat: Getijden. Op deze pagina wordt meer ingegaan op de praktische aspecten van het tij en stroming.
Hieronder vind je actuele maanklok:
Op strandstekken is het vaak even zoeken naar de juiste plek om goed vis te kunnen vangen. Alles wat je vaak in de eerste
instantie opmerkt zijn water en de hoogte van de branding, windsterkte uiteraard en
eb of vloed.
Een belangrijk deel ontbreek nu vaak. Vis houdt doorgaans van onregelmatigheden rond oa. de bodem waar bij zijn
voedsel kan vinden (en dus ook je aas). Muien, zwinnen, zandbanken, steenstort
en paalhoofden blijken de beste opties. Kijk uit met opkomend water als je op een drooggelegen bank begint met je run. Binnen no time loopt de zwin achter je vol
met sterkstromend water en kun je met je materiaal lastig teruglopen naar het strand. Vaak ben je lekker in de weer met je vangst,
beazen of optuigen en heb je geen benul hoe snel het water achter je stijgt! Een val in zo'n zwin bezorgd je in het gunstigste geval een aardig nat pak en een hoop andere (materiaal) ellende bovendien.

Algemeen opkomend tij (voor vloed): Algemeen neergaand tij (voor eb):
Deze periodieke stomingen zorgen diepe zandputten rond de koppen van golfbrekers welke vaak zeer goede vangstekken kunnen zijn.
Zeker in combinatie met obstakels onder water. Bij laag water kun je de stek vaak goed verkennen voor je aan de slag gaat.
Houdt ook nu weer het opkomend water goed in de gaten mocht je vanaf zo'n golfbreker vissen. Gladheid en lager gelegen stukken op
zo'n stek kunnen je onaangenaam verassen.
Ervaring is dat er in slechtere periode vrijwel geen vis gevangen wordt tijdens doodtij (eb en vloed). Zodra
de stroming weer terugkomt begint de vis weer te azen en de hengels worden vervolgens weer op de proef gesteld.
De stroomrichting doet er meestal veel minder toe.
Om een beetje lekker te kunnen vissen is sterkstromend water en een beetje
inzicht krijgen in het effect van sterke stroming op je aasaanbieding een must.
Zeker als de kans groot is dat je vast kan komen te zitten op de bodem.
(Voorbeeld: Nieuwe waterweg)
Bij uptide werp je dus tegen de stroom in waarbij de stroming zorgt voor het omlaag 'drukken' van je aas. Bij het vissen met een paternoster montage
is dit ideaal voor Tongvangst omdat vrijwel al het aas op de bodem zal worden aangeboden.
Nadeel is dat bij alle montages waarbij het lood niet aan het uiteinde van je montage wordt aanbracht (bijvoorbeeld de JoJolijn) de aanbeet slecht zichtbaar is
door de enorme waterdruk. Voor gebruik van ankerlood is deze manier van vissen de enigste juiste
ivm betere houwvast op de bodem.Een voordeel van downtide vissen is het 'verspreiden' van je winstkans door op verschillende dieptes aanbieden van je aas met paternoster montages. Maar nogmaals, pas op voor vastlopers vanwege het 'stuiteren' van lood en montage over de bodem.
Aantal reakties op deze pagina : Nog geen!
Uw heeft zelf totaal : 0 reakties geplaatst op shorecasting
